Vlag van Nederland

Na een afwezigheid van drie jaar mocht Arnaut Danjuma Groeneveld zich weer melden bij Oranje. Hij zat in eerste instantie nog niet bij de selectie maar door het uitvallen van Cody Gakpo mocht hij alsnog komen opdraven. In het duel met Gibraltar kreeg hij een half uur de tijd zich te bewijzen, en dat deed hij met verve.

“Ik heb hier lang op gewacht en ben heel blij met deze kans. En als je een gouden kans krijgt, dan moet je die verzilveren”, aldus Danjuma na de wedstrijd op de persconferentie.

De speler van Villarreal viel na zestig minuten in bij een 4-0-tussenstand: “Ik wist dat ik er tegelijk met Wout Weghorst in zou komen. Ik weet een beetje wat voor type spits hij is en heb met hem gesproken. Hij gaf aan dat hij de ballen strak bij de eerste paal wilde hebben. Die gingen er niet in, maar uiteindelijk gaf hij een assist op mij. De rollen waren omgedraaid.”

Danjuma baalde dat hij in eerste instantie niet werd opgeroepen: “Het deed iets met me dat ik er aanvankelijk niet bij zat, omdat ik mijn draai gevonden heb in Spanje. Gelukkig kwam onverwacht alsnog het telefoontje van de teammanager van Oranje en nu zit ik hier. Ik was er klaar voor. Het voelde niet als mijn debuut, maar het is wel anders omdat ik er zo lang niet bij geweest ben.”

‘Altijd het gevoel gehad dat ik terug kon komen’

De afgelopen jaren heeft Danjuma hard aan zijn carrière gewerkt. Na zijn stap naar Villarreal is hij klaar om weer aan te sluiten: “Ik heb altijd 100 procent het gevoel gehad: ik kom terug bij Oranje. Mijn transfer naar Villarreal was daarbij een heel bewuste stap. Hoe hoger je speelt, hoe beter, want een van mijn doelstellingen is voor Oranje uitkomen.”

Danjuma heeft zich goed ontwikkeld de laatste jaren, bij Bournemouth en Club Brugge. “Ik heb me ontwikkeld als mens en als voetballer. Ik voel me bevoorrecht dat ik in zo veel landen veel wedstrijden heb mogen spelen. Dat zorgt voor aardig wat bagage op mijn 24e en dat helpt me bij zo’n invalbeurt tegen Gibraltar. Hopelijk zit ik er de volgende keer weer bij.”