Waarom we ook dit WK weer van links naar rechts springen

De opstelling van het Nederlands elftal tegen Japan
© IMAGO - De opstelling van het Nederlands elftal tegen Japan
Foto van bc_advertiser_logo bc_advertiser_name
23 jun. 2026, 11:47
Maak ons je Google-favoriet

Het gebeurt elk groot toernooi opnieuw, en toch went het niet. Waar Oranje ook speelt, kleurt een stad oranje en springt een hele menigte van links naar rechts achter een dubbeldekker uit Brabant aan. Dit WK trok de Oranjemars zelfs de oceaan over, naar steden in de Verenigde Staten waar inwoners met open mond toekeken. Het is een van de vreemdste en mooiste dingen die we als voetballand hebben bedacht.

Wat de Oranjemars precies is

Artikel gaat verder onder video

Het recept is simpel. Een oranje bus rijdt voorop, duizenden fans lopen erachteraan, en op de Snollebollekes-hit ‘Links Rechts’ springt iedereen tegelijk de ene en dan de andere kant op. Daardoor schiet de stoet niet rechtdoor, maar slingert hij dwars door de straten, wat de tocht naar het stadion flink langer maakt. Een kaartje voor de wedstrijd heb je er niet voor nodig, de meeste meelopers belanden uiteindelijk op een plein voor een groot scherm.

Hoe een Brabants idee zo groot werd

Het gekke is dat dit niet uit het niets komt, en tegelijk wel. De dubbeldekker die voorop rijdt, begon ruim twintig jaar geleden als het idee van een groepje vrienden uit het Brabantse Ulicoten. Jarenlang was het vooral een leuk extraatje. Tot het EK van 2024 in Duitsland, toen alles samenviel. In Hamburg, Leipzig en Dortmund trokken tienduizenden fans achter de bus aan, in Dortmund rekende de KNVB voor de halve finale zelfs op zo’n 75.000 supporters. ‘Links Rechts’ werd het volkslied van de mars, en wat een optocht was, werd een choreografie. The New York Times noemde het springen een ‘iconisch onderdeel’ van de fanwalk, en ook CNN en The Guardian schreven erover. Zelfs Duitsers stonden langs de kant mee te zingen.

En nu dus ook aan de andere kant van de wereld

https://www.youtube.com/shorts/N-mJHj1ZO-E

Dat het fenomeen dit WK gewoon meereisde naar de Verenigde Staten, zegt veel. In Kansas City liepen volgens de KNVB zo’n 22.000 supporters mee, eerst verzameld in het Power & Light District en daarna achter de vertrouwde bus aan door het centrum. Zelfs de burgemeester deed mee, en Amerikanen langs de route wisten niet wat ze overkwam. ‘Mad respect’, klonk het. Een traditie die in een Brabants dorp begon, bleek moeiteloos te vertalen naar een Amerikaanse binnenstad.

Waarom we dit zo graag doen

Maar waarom slaat het zo aan? Deels omdat het simpel is. Je hoeft geen kaartje te hebben, geen talent, alleen een oranje shirt en zin om mee te springen. Deels omdat het van ons is, en van niemand anders. Geen ander land verandert een wandeling naar het stadion in een nationale choreografie waar buitenlandse media zich over verbazen. En deels omdat er onder al dat feest een gedeelde zenuw zit.

Bij een groot toernooi wil het halve land tegelijk dezelfde uitslag, en dus rekent datzelfde halve land tegelijk dezelfde scenario’s uit, van de tussenstanden in de andere poules tot de wedden bij Betnation. Die gedeelde inzet is precies wat een optocht verandert in een ritueel.

Een traditie die blijft rijden

De Oranjemars is geen aanmoediging meer vóór de wedstrijd, hij is de wedstrijd vóór de wedstrijd geworden. We zijn niet langer alleen ons elftal gaan steunen, we hebben er een traditie omheen gebouwd die de halve wereld inmiddels herkent. En zolang die bus blijft rijden, springen we vrolijk mee. Van links naar rechts, elk toernooi opnieuw, waar ter wereld Oranje ook speelt.

Lees meer over:

Reacties

Nog geen opmerkingen

Je moet ingelogd zijn om te reageren.