Bij de mannen heeft de 1.000 meter op de Olympische Winterspelen één medaille opgeleverd voor Nederland. Jenning de Boo legde beslag op het zilver en het Amerikaanse toptalent Jordan Stolz reed oppermachtig naar het goud (1:06,28). Het was echter Joep Wennemars die alle aandacht naar zich toe trok.
In rit elf kwam Wennemars in actie. Na zeshonderd meter was de 23-jarige schaatser ruim sneller dan Lian Ziwen uit China, maar vervolgens ging het helemaal verkeerd. Zijn opponent kruiste verkeerd en de regerend wereldkampioen verloor veel tijd. Hij reageerde woest, maar wist wel de (tot dat moment snelste) tijd van Kjeld Nuis te verbeteren. Desondanks besloot Wennemars al snel dat hij een nieuwe poging wilde wagen. Een halfuur later wist hij zijn tijd echter niet te verbeteren in de reskate. Daardoor bleef zijn oude tijd van 1.07,58 staan, goed voor een vijfde plek.
Vlak voor de herkansing maakte De Boo zijn olympisch debuut. In een absolute titanenstrijd nam hij het op tegen Stolz. De start van de 22-jarige schaatser verliep niet helemaal vlekkeloos, maar zijn openingsronde (16,06) was indrukwekkend. Na zeshonderd meter had ook de regerend wereldkampioen op de 500 meter een voorsprong, en even leek het erop dat De Boo kans maakte. In de laatste meters vocht de Amerikaan zich echter terug en finishte hij met een olympisch record van 1.06,28. De Boo klokte 1.06,78 en strandde zo op de tweede plek.
Zilveren medaille Jenning de Boo
In de tiende rit was Nuis overigens de eerste Nederlander op het ijs. De 36-jarige ervaren schaatser kende een valse start, maar bij zijn tweede poging kwam hij wel goed weg. Tegen Taiyo Nonomura uit Japan pakte de drievoudig olympisch kampioen al snel de leiding en leverde een sterke rit af. Met een tijd van 1.07,65 noteerde Nuis bovendien de snelste tijd. Hoewel deze tijd later werd verbeterd, was de vriend van Joy Beune tevreden met zijn optreden. Hij werd uiteindelijk zesde.
Reacties
Nog geen opmerkingen
Je moet ingelogd zijn om te reageren.