De kater bij de Nederlandse hockeymannen is bijzonder groot na het mislopen van de felbegeerde wereldtitel. In de halve finale spatte de droom van Oranje hardhandig uiteen tegen Spanje (3-4), een nederlaag die mede werd ingeluid door een onbezonnen actie en een daaropvolgende gele kaart van Duco Telgenkamp, zo analyseert hockey.nl de pijnlijke afloop. Doordat de spits tien minuten naar de strafbank werd gestuurd, sloegen de Spanjaarden in de slotfase genadeloos toe en bleef de finale buiten bereik. Daarmee greep Oranje naast de WK-finale in eigen land na een slotfase vol frustratie en averij.
Die fatale tijdstraf van de aanvaller bleek overigens geen incident te zijn, want de discipline vormde een structureel pijnpunt voor de ploeg van bondscoach Jeroen Delmée. Van alle halvefinalisten incasseerde Nederland veruit de meeste kaarten én de hoogste straftijd van het toernooi. De teller stokte uiteindelijk pas bij drie gele en zes groene prenten, goed voor ruim dertig minuten op de strafbank. Ter vergelijking: opponent Spanje speelde in de onderlinge ontmoeting slechts zes minuten met een man minder. Buiten Telgenkamp moest ook Jorrit Croon tien minuten brommen in de troostfinale, terwijl Terrance Pieters in de slotfase tegen Engeland eveneens tegen geel aanliep.
De kostbare black-out van Telgenkamp krijgt dan ook nog een flinke staart binnen de groep. Waar de emoties op het veld hoog opliepen en het verlies voor verbijstering zorgde, liet Delmée intern al weten dat de actie zeker niet met de mantel der liefde wordt bedekt. Eerder zorgde het incident al voor keiharde woorden binnen de ploeg over de vervlogen droom.
De bondscoach was na afloop dan ook glashelder over het feit dat de spits tekst en uitleg moet geven over zijn gedrag. "Het is niet zo dat het nu is afgekapt en er zand overheen is. We gaan er na de vakantie nog wel op terugkomen", zo reageerde Delmée op de uitsluiting van zijn pupil. Hoewel de international diep door het stof ging voor zijn actie, blijft het incident een open zenuw binnen de selectie.
Haperende efficiëntie en kwetsbare defensie
Naast de aanhoudende kaartenregen liep Oranje gaandeweg het toernooi ook tegen duidelijke tactische beperkingen aan. Waar Nederland in een eerdere ontmoeting met de Spanjaarden naliet om uit te lopen naar een comfortabele 2-0 voorsprong, wist de ploeg in latere fases simpelweg niet meer het net te vinden tegen Spanje. Ook in het duel met Argentinië haperde de voorhoede opvallend: Oranje drong in het eerste bedrijf maar liefst tien keer de cirkel van de tegenstander binnen, maar wist daar nauwelijks serieus doelgevaar uit te stichten. Zowel Spanje als Argentinië meldde zich beduidend minder vaak in het Nederlandse cirkelgebied, maar ging juist uiterst effectief om met de spaarzame kansen.
Delmée moest na afloop toegeven dat zijn ploeg op cruciale momenten de defensieve controle kwijtraakte tegen de absolute wereldtop. "We zijn tegen Spanje en Argentinië afgestraft op onze fouten. Op onze minpunten. Dat zit 'm bijvoorbeeld in het verwerken van de lange ballen. En hoe we in de mandekking staan en daar positie houden", zo luidde het nuchtere oordeel van de bondscoach over de defensieve steken die Oranje liet vallen.
Nieuwe generatie rammelt aan de poort
In aanvallend opzicht was Oranje tijdens de mondiale titelstrijd geregeld afhankelijk van individuele oprispingen. Zo forceerde Thijs van Dam in de groepsfase met een belangrijk doelpunt de beslissende 3-1 tegen India. Rondom de strafcorner leverde de beproefde sleeppush van specialist Jip Janssen direct twee treffers op, terwijl de zogeheten roffels van Tijmen Reyenga gedurende het WK goed waren voor drie doelpunten. Het fundament bleek echter kwetsbaar, niet in de laatste plaats doordat een aanzienlijk deel van de olympisch kampioenen van Parijs werd gehinderd door fysieke kwalen en pijntjes.
Met het oog op de Olympische Spelen in Los Angeles dient zich dan ook een interessant selectievraagstuk aan voor de technische leiding. In Waver liet Delmée weten dat het merendeel van de ervaren krachten voorlopig beschikbaar blijft: "Iedereen - behalve Lars Balk - heeft na Parijs gezegd dat ze na dit WK nog door willen." Tegelijkertijd rammelt een nieuwe lichting talenten nadrukkelijk aan de poort. Zo werd de 22-jarige verdediger Timo Boers al twee seizoenen op rij topscorer van de Hoofdklasse en speelde hij inmiddels elf interlands, terwijl ook de 23-jarige Rotterdamse landskampioen Pepijn van der Heijden nadrukkelijk klaarstaat om de gevestigde orde uit te dagen.
Reacties
Nog geen opmerkingen
Je moet ingelogd zijn om te reageren.