Het Nederlands elftal vliegt na een teleurstellend WK 2026 alweer terug naar Schiphol. De ploeg van Ronald Koeman werd in de nacht van maandag op dinsdag door Marokko uitgeschakeld in de zestiende finales. Mee Met Oranje maakt het eindrapport op.
Bart Verbruggen - 9
Voor de start van het WK was de strijd om de positie onder de lat nog onderwerp van discussie. Robin Roefs diende zich nadrukkelijk aan en Mark Flekken had een degelijk seizoen achter de rug. Tijdens het toernooi heeft Bart Verbruggen die discussie echter definitief beslecht. De doelman van Brighton & Hove Albion liet met meerdere knappe reddingen zien waarom hij de eerste keus is en hield het Nederlands elftal op cruciale momenten overeind. Dankzij een reeks uitstekende ingrepen voorkwam hij meerdere vrijwel zekere tegentreffers. Voor de komende jaren lijkt de nummer één onder de lat daarmee vast te staan. Tegelijkertijd was Verbruggen een van de weinige spelers die zich echt positief wist te onderscheiden.
Denzel Dumfries - 6
Enkele dagen voor de openingswedstrijd werd bekend dat Denzel Dumfries de overstap maakt naar Real Madrid. Toch zal men bij De Koninklijke zijn WK-optredens met gemengde gevoelens hebben bekeken. De vleugelverdediger haalde zelden het niveau dat hem de afgelopen jaren zo waardevol maakte voor het Nederlands elftal. Hij oogde vermoeid, leed opvallend veel balverlies en stond verdedigend keren niet goed opgesteld. Daar staat tegenover dat Dumfries wel drie assists afleverde en een veelbelovende klik heeft met Crysencio Summerville. Als de transferperikelen straks achter de rug zijn, mag worden verwacht dat hij richting de Nations League weer zijn vertrouwde niveau haalt. Over zijn kwaliteiten bestaat immers weinig twijfel.
Jan Paul van Hecke - 8
De komende weken zal Jan Paul van Hecke nog aan het WK worden herinnerd. Na de openingswedstrijd liep hij rond met een blauw oog en in het duel met Marokko moest zelfs een wond op zijn voorhoofd worden gehecht. De verdediger verving Jurriën Timber in Noord-Amerika en begon onwennig aan het toernooi. Gaandeweg groeide hij echter uit tot een van de meest betrouwbare krachten van de ploeg. Van Hecke speelde met zichtbaar veel passie, straalde trots uit in het Oranjeshirt en gaf in iedere wedstrijd alles. Daarnaast zocht hij telkens de voetballende oplossing, wat niet onopgemerkt bleef en werd beloond met een transfer naar Tottenham Hotspur. Na de uitschakeling bood de mandekker zijn excuses aan, maar juist hij hoeft zichzelf weinig te verwijten.
Virgil van Dijk - 5,5
Voor Virgil van Dijk leek dit WK de laatste kans om met Nederland wereldkampioen te worden. De aanvoerder wist echter niet de leidersrol te vervullen die van hem werd verwacht. Bij de verdediger ontbraken energie, overtuiging en scherpte. Wel maakte hij een belangrijke goal tegen Japan, maar daar stonden meerdere momenten tegenover waarop hij er bij tegentreffers niet goed uitzag. Na de uitschakeling kreeg Van Dijk vragen over zijn toekomst. Net als twee jaar geleden leek hij opnieuw te twijfelen over het vervolg van zijn interlandloopbaan. De kritiek dat hij zijn beste tijd bij de nationale ploeg heeft gehad, klinkt steeds luider en dat besef lijkt langzaam door te dringen. Bovendien beschikt Nederland achterin over genoeg kwaliteit om een eventueel vertrek op te vangen.
Micky van de Ven - 6,5
In de groepsfase behoorde Micky van de Ven nog tot de grootste tegenvallers. Vooral via zijn flank wisten tegenstanders regelmatig gevaar te stichten. Daarnaast drukte hij in aanvallend opzicht nauwelijks zijn stempel op het spel. In de zestiende finale tegen Marokko herstelde de linkspoot zich knap. Van de Ven hield sterspeler Achraf Hakimi grotendeels uit de wedstrijd en onderscheidde zich met een cruciale sliding, waarmee hij een vrijwel zekere tegentreffer voorkwam. Daarmee liet hij zien waar zijn grootste kwaliteiten liggen. Van de Ven is een centrale verdediger en niet een aanvallend ingestelde linksback. Het is aan de nieuwe bondscoach om hem op die positie te gebruiken, zodat de 25-jarige zich geleidelijk kan ontwikkelen tot de natuurlijke opvolger van Virgil van Dijk.
Nathan Aké - 5
Tegen Tunesië en Marokko verscheen Nathan Aké opeens in de basis. In de groepsfase als linksback, maar in de knock-outfase als (derde) centrale verdediger. Hij wist echter niet te imponeren en kwam duidelijk snelheid te kort. Zijn beperkte speeltijd bij Manchester City leek zichtbaar door te werken, waardoor de linkspoot geen stabiele indruk achterliet.
Frenkie de Jong - 6
In Noord-Amerika toonde Frenkie de Jong helaas niet de magie die hij eerder zo vaak liet zien. Hij speelde degelijk en was nuttig met intercepties, maar moest vaak inzakken en kwam daardoor te weinig in zijn vertrouwde regisseursrol. Tegen Tunesië en Zweden liet hij bij vlagen weer zijn klasse zien met versnellingen en goede passes vooruit, maar over het hele toernooi sprankelde het te weinig. Zoals veel Oranjespelers bleef hij vooral stabiel, zonder het elftal echt naar een hoger niveau te tillen.
Ryan Gravenberch - 7
Hoevel Ryan Gravenberch het WK wisselvallig begon, was hij direct belangrijk met twee assists tegen Japan. Naarmate het toernooi vorderde, groeide de middenvelder steeds beter in zijn rol en drukte hij vooral tegen Zweden en Tunesië nadrukkelijk zijn stempel op het spel. De rechtspoot bepaalde het tempo, zocht voortdurend de oplossing vooruit en verscheen tegen Tunesië zelfs enkele keren in kansrijke scoringsposities. Tegen Marokko kwam hij door de tactische keuze voor een tweemansmiddenveld minder uit de verf, omdat hij te veel ruimte moest bestrijken. Gravenberch is op zijn best wanneer hij veel aan de bal is en het spel kan dicteren. Het was echter voor het eerst dat de middenvelder langere tijd zijn talent toont in het Oranjeshirt. Dat is veelbelovend voor de toekomst.
Tijjani Reijnders - 4,5
De laatste tijd zat Tijjani Reijnders vooral op de bank bij Manchester City, maar onder Ronald Koeman was de middenvelder een vaste waarde. Als aanvallende middenvelder wist hij gedurende het toernooi echter te weinig zijn stempel te drukken. Hij miste de diepgang en daadkracht rond het strafschopgebied en leek nog zoekende in zijn rol, die afweek van zijn vertrouwde positie als nummer acht. Daardoor slaagde hij er niet in het middenveld van de gewenste dynamiek en creativiteit te voorzien. Reijnders scoort normaal makkelijk in het Oranjeshirt, maar wist in Noord-Amerika niet te scoren. Tegen Marokko werd hij opeens gepasseerd. Een nieuwe bondscoach zal de rechtspoot goed doen.
Crysencio Summerville - 8,5
Crysencio Summerville groeide uit tot de grote verrassing van dit WK. De aanvaller maakte vooraf nog geen deel uit van de Oranjeselectie, maar speelde zich met zijn onbevangen spel razendsnel in de kijker. Met twee doelpunten, twee assists en voortdurende dreiging was hij een van de smaakmakers. Zijn toernooi eindigde weliswaar in mineur door een gemiste strafschop, maar dat doet weinig af aan zijn uitstekende debuut op een eindtoernooi. Op basis van zijn prestaties lijkt Summerville voorlopig niet meer weg te denken uit het Nederlands elftal.
Brian Brobbey - 8
Op dit WK liet Brian Brobbey zien hoeveel stappen hij heeft gezet na zijn vertrek bij Ajax. Hoewel de spits het toernooi begon als reserve, greep hij zijn kans met beide handen toen hij een basisplaats kreeg. Tegen Zweden brak hij definitief door met twee doelpunten, waarna hij tegen Tunesië opnieuw trefzeker was. In de wedstrijd tegen Marokko kwam hij nauwelijks in het spel voor, maar dat was vooral een gevolg van de gekozen tactiek. Al met al kan Brobbey terugkijken op een sterk en geslaagd WK. Het Nederlands elftal heeft er eindelijk een serieuze afmaker bij.
Cody Gakpo - 7,5
Op het WK bewees Cody Gakpo opnieuw zijn enorme waarde voor het Nederlands elftal. Samen met Crysencio Summerville was hij de grote smaakmaker in aanvallend opzicht, met drie doelpunten en één assists. Des te indrukwekkender waren zijn prestaties gezien het persoonlijke drama dat hij vlak voor het toernooi moest verwerken met het overlijden van zijn zoontje. Zijn treffer tegen Marokko leek Nederland op weg te helpen, maar kreeg uiteindelijk niet het vervolg dat het verdiende. Gakpo bevestigde desondanks opnieuw dat hij een van de absolute steunpilaren van Oranje is. Zijn toernooi eindigde in teleurstelling, maar zijn prestaties verdienen niets dan lof. Hij naderde Dennis Bergkamp bovendien tot één treffer als Oranje's topscorer op eindtoernooien.
Eindrapport Nederlands elftal
Donyell Malen - 5
Vooraf was er geen enkele twijfel over mogelijk: Donyell Malen was de onbetwiste spits voor Nederland. Hij kreeg na een ijzersterk seizoen bij AS Roma meerdere kansen om zich als spits te bewijzen, maar slaagde er niet in zijn stempel te drukken. De aanvaller creëerde wel mogelijkheden, maar miste de scherpte in de afronding en bleef zonder doelpunt. Daardoor werd zijn rol gedurende het toernooi steeds kleiner. Of het nu een vormdip was of de druk van het Oranjeshirt, Malen wist niet te brengen wat van hem werd verwacht en was uiteindelijk van beperkte waarde voor het Nederlands elftal.
Memphis Depay - 3
Voor Memphis Depay werd dit WK een teleurstellend toernooi. De topscorer aller tijden van het Nederlands elftal kwam binnen met fysieke klachten en slaagde er nooit echt in om volledig fit te worden. In zijn invalbeurten kon hij nauwelijks iets toevoegen en liet hij weinig zien van de aanvaller die hij ooit was. Een fitte Depay kan nog altijd van waarde zijn voor Oranje, maar in deze vorm en conditie was hij dat dit toernooi niet. Door de opkomst van Brian Brobbey kan dit zo maar zijn laatste toernooi geweest zijn.
De overige Oranje-internationals kwamen te kort in actie voor een beoordeling.
Reacties
Nog geen opmerkingen
Je moet ingelogd zijn om te reageren.