De stemming rond het Nederlands elftal is na het 2-2 gelijkspel tegen Japan op het WK 2026 allesbehalve positief. Bondscoach Ronald Koeman ligt onder een vergrootglas, de verdediging krijgt kritiek en zaterdag wacht met Zweden direct een zware tegenstander. Toch hoeven Oranje-fans zich misschien helemaal niet zo veel zorgen te maken. Sterker nog: een moeizame start van een eindtoernooi blijkt opvallend vaak de opmaat naar een succesvol vervolg.
Het WK van 2010 begon ook niet met vuurwerk
Wie terugdenkt aan het WK van 2010, denkt aan de finale tegen Spanje, de redding van Maarten Stekelenburg en de gemiste kans van Arjen Robben. Maar bijna niemand herinnert zich nog hoe stroef dat toernooi begon.
Nederland won weliswaar met 2-0 van Denemarken, maar overtuigde nauwelijks. Het eerste doelpunt kwam zelfs voort uit een ongelukkige eigen treffer. Ook tegen Japan (1-0) en Kameroen (2-1) speelde Oranje niet bepaald het voetbal waar supporters warm van werden.
Toch groeide de ploeg gedurende het toernooi uit tot finalist.
Stroeve start? Dat was in 2010 ook zo
WK 2010 | |
|---|---|
Nederland - Denemarken | 2-0 |
Nederland - Japan | 1-0 |
Nederland - Kameroen | 2-1 |
Eindresultaat | Finale |
Ook in Brazilië was er scepsis
Voor het WK van 2014 waren de verwachtingen misschien nog wel lager. Louis van Gaal moest bouwen aan een nieuwe ploeg en veel kenners vreesden een lastig toernooi.
Pas na de sensationele 5-1 overwinning op Spanje draaide de publieke opinie volledig om. Maar ook toen was er vooraf veel twijfel over de kansen van Oranje.
Uiteindelijk eindigde Nederland als derde van de wereld.
Op eindtoernooien telt vooral groei
Misschien is dat wel de belangrijkste les. Een WK wordt zelden gewonnen in de eerste wedstrijd.
Ploegen die in de groepsfase al hun beste voetbal spelen, zijn niet automatisch de ploegen die drie weken later nog overeind staan. Vaak zijn het juist de teams die gedurende het toernooi beter worden, automatismen ontwikkelen en steeds meer vertrouwen krijgen.
Daarom kijken trainers vaak heel anders naar een openingswedstrijd dan supporters. Waar fans vooral het resultaat en het spel beoordelen, kijkt een bondscoach vooral naar de mogelijkheden om verder te groeien.
Toernooi | Eerste wedstrijd | Resultaat | Eindresultaat Oranje |
|---|---|---|---|
WK 2026 | Japan | 2-2 | ? |
EK 2024 | Polen | 2-1 winst | Halve finale |
WK 2022 | Senegal | 2-0 winst | Kwartfinale |
EK 2021 | Oekraïne | 3-2 winst | Achtste finale |
WK 2014 | Spanje | 5-1 winst | 3e plaats |
WK 2010 | Denemarken | 2-0 winst | Finale |
EK 2008 | Italië | 3-0 winst | Kwartfinale |
WK 2006 | Servië & Montenegro | 1-0 winst | Achtste finale |
Zweden is geen reden voor paniek
Dat Zweden met 5-1 won van Tunesië maakt indruk. Maar het verandert niets aan het feit dat het toernooi voor Oranje nog volledig open ligt.
Sterker nog: juist wedstrijden als die tegen Zweden kunnen een ploeg wakker schudden en dichter bij elkaar brengen. Op grote toernooien ontstaat vaak een heel andere dynamiek zodra de druk toeneemt.
En laten we eerlijk zijn: als Nederland zaterdag van Zweden wint, is de negatieve sfeer van deze week waarschijnlijk direct verdwenen.
Misschien is dit juist een goed teken
Niemand had natuurlijk liever een gelijkspel tegen Japan gezien. Maar de geschiedenis leert dat een moeizame start lang niet altijd slecht nieuws hoeft te zijn.
Sterker nog: de grootste Nederlandse WK-successen kwamen vaak niet voort uit een ploeg die vanaf dag één iedereen van het veld speelde, maar uit een elftal dat onderweg groeide.
Misschien kijken we over een paar weken wel terug op die late gelijkmaker van Japan als het moment waarop Oranje wakker werd. Dat zou niet de eerste keer zijn.
Reacties
Nog geen opmerkingen
Je moet ingelogd zijn om te reageren.