Theo Janssen begrijpt weinig van de euforie rond het Nederlands elftal. Oranje plaatste zich onder bondscoach Ronald Koeman weliswaar als groepswinnaar voor de zestiende finales van het WK 2026, maar volgens de oud-middenvelder wacht de ploeg nu een zwaar vervolg van het toernooi. Dinsdag neemt Nederland het op tegen Marokko.
Het Nederlands elftal sloot de groepsfase in de nacht van donderdag op vrijdag af met een zege op Tunesië (1-3) en stelde daarmee definitief de groepswinst in Groep F veilig. Daardoor ontloopt de ploeg Brazilië en wacht Marokko in de knock-outfase. Ondanks de ongeslagen reeks en de overtuigende 5-1 overwinning op Zweden temperen de analisten van Vandaag Inside Oranje de verwachtingen. Volgens Janssen kent Oranje nog te veel zwakke fases in een wedstrijd. "Ik vind dat ze heel veel kansen weggeven, heel veel ruimtes. Verdedigend klopt het voor geen meter."
Johan Derksen sluit zich aan bij die kritiek. Volgens hem overschatten de Oranje-internationals zichzelf en spreekt de selectie veel te snel over een mogelijke finale, terwijl daar sportief gezien nog geen aanleiding voor is. "De euforie begrijp ik niet helemaal", aldus de analist. Hij benadrukt dat de ruime overwinning op Zweden (5-1) de verwachtingen flink heeft aangewakkerd, maar vindt dat die uitslag geen realistisch beeld geeft van het daadwerkelijke niveau van de selectie. "Dit is gewoon een middelmatig elftal", concludeert hij.
Kritiek op Nederlands elftal
"Uiteindelijk is Nederland geen wonderploeg", voegt Janssen toe. "De volgende wedstrijd gaat voor Nederland sowieso heel lastig worden." René van der Gijp voegt daaraan toe dat de Europese toplanden volgens hem vooralsnog niet onder de indruk zijn van de ploeg van Koeman. "Van Noorwegen tot de Duitsers, al die landen gaan niet tegen Nederland beginnen met het idee: die pakken we in." De volgende uitdaging voor Oranje wacht in de nacht van maandag op dinsdag. Om 03.00 uur Nederlandse tijd neemt Oranje het op tegen Marokko.
Reacties
Nog geen opmerkingen
Je moet ingelogd zijn om te reageren.