Het internationale vrouwenvoetbal groeit in hoog tempo uit tot een miljardenindustrie, maar het overgrote deel van de speelsters merkt daar in de portemonnee nog vrijwel niets van. Uit een wereldwijd onderzoek van spelersvakbond FIFPRO onder ruim achthonderd voetbalsters over de afgelopen tien jaar komt naar voren dat veel profs nog altijd matig worden betaald en te maken hebben met korte, onzekere contracten.
Tessel Middag, de voormalige speelster van de Oranje Leeuwinnen die na haar derde zware kruisbandblessure een punt achter haar actieve loopbaan zette, kijkt met zorg naar de groeiende kloof tussen de absolute wereldtop en de rest van het vrouwenvoetbal. De cijfers van de vakbond laten zien dat die aanhoudende onzekerheid veel speelsters doet besluiten om al vroeg te stoppen met voetballen. Van de ondervraagde voetbalsters die overwegen een punt achter hun carrière te zetten, noemt 59 procent financiële redenen als oorzaak en wijst 46 procent op de mentale druk. De gemiddelde contractduur ging weliswaar omhoog van één jaar naar negentien maanden, maar slechts twee derde van de speelsters krijgt jaarlijks de volledige twaalf maanden doorbetaald.
Uit de berekeningen van FIFPRO blijkt dat het gemiddelde maandsalaris van een profvoetbalster sinds 2017 is verdrievoudigd naar 2.320 euro. De 33-jarige Middag, die gedurende vijftien jaar op het hoogste niveau actief was, 44 interlands speelde en voor zeven clubs in vijf verschillende landen uitkwam, waarschuwt in gesprek met de NOS dat men zich niet blind moet staren op de commerciële opmars. "Vrouwenvoetbal gaat in rap tempo het mannenvoetbal achterna", zo stelt ze. "Het grote geld regeert, maar voor mij is dat niet de essentie van onze sport. Die moet inclusief zijn en niet alleen voor the lucky few, een paar gelukkigen."
Categorie / Regio | Bedrag / percentage | Toelichting uit FIFPRO-onderzoek |
Wereldwijd gemiddeld maandsalaris | € 2.320 | Verdrievoudigd sinds 2017 (inclusief topcompetities) |
Gemiddeld salaris buiten Engeland & VS | € 1.490 | Exclusief grootverdieners, ligt onder het minimumloon |
Gemiddeld maandsalaris Afrika | € 430 | Scherp contrast met de mondiale top |
Volledige jaarlijkse doorbetaling | 66,7% (twee derde) | Slechts een deel krijgt alle twaalf maanden per jaar betaald |
Overweegt te stoppen (financieel) | 59% | Financiële onzekerheid als voornaamste reden voor vroegpensioen |
Kloof tussen wereldtop en andere competities
Tessel Middag maakte tijdens haar eigen carrière de opmars aan de top van dichtbij mee bij het Nederlands elftal, Manchester City en Glasgow Rangers. De oud-international herkent zich dan ook volledig in de conclusies van de vakbond en stipt de scheve verhoudingen in het mondiale voetbal aan. "Vooral in het verschil tussen de 5 procent die de top vormt en de 95 procent daaronder. Sponsors richten zich heel erg op die 5 procent. De internationale toernooien groeien in alles, maar de nationale competities blijven, op die in Engeland en de VS na, achter", aldus Middag.
Het gemiddelde maandsalaris van 2.320 euro dat FIFPRO berekende, vertelt volgens Middag dan ook niet het echte verhaal voor het merendeel van haar collega's. "Het geeft een vertekend beeld. Als je de grootverdieners uit Engeland en de VS niet meetelt, verdienen de meeste speelsters maar 1.490 euro per maand, onder het minimumloon. En op het continent Afrika is het zelfs maar 430 euro. De verschillen zijn enorm".
Noodzaak van neveninkomsten in de Vrouwen Eredivisie
Ana Nassette en Tess van der Flier weten uit eigen ervaring wat de beperkte vergoedingen in de praktijk betekenen voor speelsters in de Vrouwen Eredivisie. Nassette speelt voor sc Heerenveen en werkt naast haar uren op het trainingsveld als huishoudelijke hulp bij ouderen. "Ik kan niet van het voetbal leven", zo vertelt de speelster van de Friese club. "Ik vind dat we, voor het aantal uren dat we op het veld staan, ook betaald moeten worden". Ook bij andere Nederlandse clubs moeten speelsters het voetballen combineren met een studie: zo volgt Ajax-speelster Nurija van Schoonhoven de opleiding biologie aan de Universiteit van Utrecht en doet Feyenoord-keepster Claire Dinkla via afstandsonderwijs de hbo-studie Voeding en Diëtetiek.
Voor Van der Flier was het ontbreken van een financieel vangnet zelfs de reden om in 2025 een punt achter haar profcarrière te zetten. Een jaar eerder combineerde ze haar plek onder de lat bij PEC Zwolle nog met een baan als gymdocent, totdat ze geblesseerd raakte. In 2024 gaf de keepster al aan waarom haar sportieve loopbaan financieel niet langer haalbaar was: "Ik heb een eigen huis met een hypotheek. Het voetbal dekt gewoon niet alle lasten."
Mentale stress neemt toe door snelle groei
Alex Culvin, directeur vrouwenvoetbal bij FIFPRO, wijst erop dat de razendsnelle commercialisering niet alleen financiële zorgen met zich meebrengt, maar ook mentaal veel eist van de speelsters. "In interviews zeggen spelers dat de groei van de sport nieuwe stress met zich meebrengt, waaronder een hogere werkdruk en online agressie. Clubs zijn hier niet goed op voorbereid", zo verklaart Culvin.
Nu blijkt dat bijna de helft van de twijfelende speelsters vanwege mentale klachten overweegt te stoppen, hamert Tessel Middag op het belang van goede begeleiding buiten de eigen club. "Schrijnend om te lezen dat veel speelsters geen toegang hebben tot mentale hulp. Mijn oproep aan voetbalsters: sluit je aan bij een vakbond, want als de club niet de juiste voorzieningen heeft, kan je daar nog steun halen."
Campagne richting WK van 2027 in Brazilië
Tessel Middag zet zich inmiddels al tien jaar in voor Common Goal, een in augustus 2017 opgerichte non-profitorganisatie die spelers en trainers aanmoedigt om minimaal één procent van hun salaris af te staan aan een gezamenlijk fonds. In aanloop naar het WK van 2027 in Brazilië voert deze beweging de campagne 'raise the floor', waarbij voetbalplatform OneFootball heeft beloofd om 2,7 procent van de advertentie-inkomsten rond het toernooi te doneren.
Met die actie moet worden voorkomen dat de verwachte commerciële opbrengsten rond het WK opnieuw uitsluitend bij een kleine elite belanden, legt Middag uit. "Je ziet dat het salarisplafond omhoog gaat, maar alleen voor een klein deel. De vloer, de bodem, moet ook omhoog. Anders houd je te veel speelsters met problemen. Wil je het vrouwenvoetbal verder ontwikkelen, dan moet dat in alle geledingen gebeuren."
Kerncijfer | Waarde | Context |
Aantal ondervraagde speelsters | Ruim 800 | Wereldwijd onderzoek van spelersvakbond Fifpro |
Onderzoeksperiode | Afgelopen tien jaar | Vergelijking van cijfers uit 2017 met cijfers uit 2026 |
Stoppen uit financiële overwegingen | 59% | Van de speelsters die overwegen te stoppen |
Stoppen vanwege mentale druk | 46% | Van de speelsters die overwegen te stoppen |
Aandeel van de top | 5% | Top van het vrouwenvoetbal; de overige 95% verdient aanzienlijk minder |
Gemiddeld maandsalaris | 2.320 euro | Verdrievoudigd sinds 2017, inclusief grootverdieners |
Maandsalaris van de meeste speelsters | 1.490 euro | Zonder grootverdieners uit Engeland en de VS; onder het minimumloon |
Maandsalaris in Afrika | 430 euro | Gemiddeld maandsalaris van speelsters op het continent Afrika |
Gemiddelde contractduur | 19 maanden | Gestegen vanaf 1 jaar in 2017 |
Speelsters met twaalf maanden betaald per jaar | Twee derde | Overige speelsters hebben periodes zonder gegarandeerd inkomen |
Reacties
Nog geen opmerkingen
Je moet ingelogd zijn om te reageren.