De eerste selectie van Xavi Hernández laat nog enkele dagen op zich wachten, maar één van de interessantste keuzes tekent zich nu al af. Frenkie de Jong ontbreekt door een blessure bij het Nederlands elftal en juist de positie waarop de middenvelder van Barcelona normaal gesproken de nummer één zou zijn, krijgt onder de nieuwe bondscoach een centrale rol. Xavi lijkt bij Oranje in principe te kiezen voor een middenveld met de punt naar achteren: één nummer 6 voor de defensie, met twee aanvallender ingestelde middenvelders daarvoor. Wie wordt zijn nummer 6?
Joey Veerman meldde zich afgelopen week nadrukkelijk voor de vacature. De middenvelder maakte indruk tijdens zijn Champions League-debuut voor Borussia Dortmund tegen Villarreal en liet daarna zelf geen enkele twijfel bestaan over zijn favoriete positie. "Ik ben hier naartoe gekomen om als nummer zes te gaan spelen", vertelde hij aan Sky Sport Germany. Veerman, die na het EK 2024 compleet werd genegeerd door Ronald Koeman, noemde de positie waarop hij tegen Villarreal speelde zelfs 'zijn ideale plek'.
Veerman is echter bepaald niet de enige kandidaat. Ryan Gravenberch, Teun Koopmeiners, Wouter Burger en zelfs Peer Koopmeiners hebben allemaal eigenschappen die passen bij de rol. Tegelijkertijd zijn het vijf totaal verschillende middenvelders. Wie komt qua profiel het dichtst bij wat Xavi zoekt?
Wat Xavi van zijn nummer 6 vraagt
Om de kandidaten goed met elkaar te vergelijken, is eerst belangrijk om vast te stellen dat de nummer 6 bij Xavi niet simpelweg de meest verdedigende middenvelder is. De speler vóór de centrale verdedigers is een sleutelfiguur en moet voortdurend rekening houden met wat er achter én voor hem gebeurt. Aan de bal moet hij tegelijkertijd het beginpunt van veel aanvallen zijn. Hij moet zich vrij kunnen maken tussen de eerste druklijnen, onder druk aangespeeld durven worden en vervolgens vooruitdenken. Dat kan met een dribbel, zoals Frenkie de Jong en Ryan Gravenberch vaak doen, maar ook met een liniebrekende pass zoals Joey Veerman.
Daar komt een derde onderdeel bij: positionering. Zodra Oranje met veel spelers voor de bal staat, kan de nummer 6 niet zomaar overal achter de bal aanjagen. Hij moet herkennen wanneer hij druk moet zetten en wanneer hij juist in het centrum moet blijven om een tegenaanval onmogelijk te maken. Precies daarin zit het verschil tussen een goede centrale middenvelder en een goede solitaire 6. Passing, verdedigend werk, positionering, balprogressie en weerstand tegen druk zijn vijf belangrijke beoordelingspunten.
Ryan Gravenberch meest complete kandidaat
Op basis daarvan lijkt Ryan Gravenberch op papier de meest complete kandidaat. Joey Veerman is de beste passer; Teun Koopmeiners is misschien de meest tactisch betrouwbare optie; Wouter Burger biedt de meeste fysieke zekerheid en Peer Koopmeiners is van het vijftal misschien wel de meest klassieke nummer 6.
Als Xavi Hernández de kwaliteiten van Frenkie de Jong zoveel mogelijk wil nabootsen, ligt Gravenberch voor de hand. Niet omdat hij hetzelfde type speler is, maar omdat hij één eigenschap bezit die voor een dominante ploeg van onschatbare waarde is: hij kan zélf een druklijn uitschakelen. Gravenberch heeft geen pass nodig om een aanval vooruit te helpen. Met zijn eerste aanname, lichaam en lange passen kan hij een tegenstander laten uitstappen en vervolgens door het middenveld versnellen.
Tijdens zijn eerste seizoen als vaste controleur onder Arne Slot legde hij in de Premier League meer dan 2,5 kilometer aan progressieve meters af met de bal aan zijn voet. Van alle controlerende middenvelders in de competitie deed alleen Mateo Kovacic dat toen beter. Die kwaliteit maakt Gravenberch interessant voor het voetbal dat Xavi waarschijnlijk voor ogen heeft. Een tegenstander die Oranje hoog onder druk zet, kan met één actie ineens drie of vier spelers achter de bal hebben staan.
Gravenberch heeft zich daarnaast sterk ontwikkeld zonder bal. Dat maakt hem van deze vijf waarschijnlijk de beste combinatie van balprogressie en defensieve controle. Er is alleen één maar: zijn situatie bij Liverpool. Onder Andoni Iraola is Gravenberch zijn vanzelfsprekende basisplaats kwijtgeraakt. Xavi zat afgelopen week zelf op Anfield toen Alexis Mac Allister opnieuw de voorkeur kreeg en Gravenberch pas in de tweede helft inviel. Voor een bondscoach die wedstrijdritme belangrijk vindt, is dat niet onbelangrijk.
Joey Veerman is de beste passer
Waar Ryan Gravenberch een linie vooral met zijn lichaam en dribbel kan doorbreken, doet Joey Veerman dat met zijn rechtervoet. Daarmee biedt hij Xavi een compleet andere oplossing. Tegen Villarreal verstuurde Veerman liefst 23 liniebrekende passes, zijn hoogste aantal ooit in een Champions League-wedstrijd. Juist dat cijfer maakt duidelijk waarom hij als nummer 6 zo interessant kan zijn. Veerman hoeft zelf niet voorbij een tegenstander om Oranje twintig meter verderop te laten voetballen.
Veerman kan vanaf de positie voor de centrale verdedigers rechtstreeks een middenvelder tussen de linies bereiken, een back vrijspelen of met één lange pass de druk naar de andere kant verplaatsen. Daarmee is hij waarschijnlijk de beste passer van alle kandidaten. Vooral tegen landen die Oranje veel balbezit gunnen, kan dat een enorm wapen zijn. Een tegenstander die met tien spelers achter de bal staat, vraagt minder om de dynamiek van Gravenberch en juist meer om iemand die vanuit het centrum voortdurend gaten ziet voordat ze voor anderen zichtbaar worden.
De vraag zit aan de andere kant van het spel. Een solitaire 6 moet ook voorkomen dat iedere mislukte aanval onmiddellijk een counter wordt en dat is misschien het manco van Veerman. De ex-PSV'er heeft minder snelheid, bereik en duelsterkte dan Gravenberch en Burger. Dat betekent niet dat hij niet kan verdedigen, maar wel dat de restverdediging rond hem goed georganiseerd moet zijn. Bij Borussia Dortmund speelt hij bovendien in een andere defensieve structuur dan Xavi waarschijnlijk bij Oranje wil hanteren. Veerman kan daarom tegen een laag verdedigende tegenstander misschien zelfs Xavi's beste keuze zijn, terwijl Gravenberch tegen Duitsland logischer kan voelen.
Teun Koopmeiners is tactisch de veiligste keuze
Teun Koopmeiners wordt door zijn veelzijdigheid soms bijna vergeten wanneer over echte nummers 6 wordt gesproken. Hij speelde in Italië hoger op het middenveld, als nummer 10 en zelfs als centrale verdediger. Koopmeiners vertelde eerder dit jaar dat hij zichzelf in de eerste plaats als controleur ziet. "Vanuit de controlerende zone, met mijn passing en loopacties van box naar box. Dat past me het best." Juist zijn verleden als verdediger kan voor Xavi een voordeel zijn. Koopmeiners begrijpt wat er achter hem gebeurt, herkent wanneer een centrale verdediger uitstapt en is gewend om vanuit de organisatie te denken.
Aan de bal is hij minder explosief dan Gravenberch en minder creatief dan Veerman, maar hij kan het spel uitstekend verplaatsen en beschikt over een goede verticale pass met links. Koopmeiners sluit passlijnen af en weet wanneer hij vooruit moet verdedigen. Zijn nadeel is dat hij in Turijn de afgelopen periode geen onbetwiste basisspeler is geweest. Puur tactisch is Koopmeiners echter misschien de veiligste optie van de vijf. Hij heeft geen extreme zwakte en kan tijdens een wedstrijd probleemloos van rol veranderen wanneer Xavi de veldbezetting aanpast.
Wouter Burger is meer dan alleen kracht
Wouter Burger is de outsider die het meest verschilt van Veerman. Met zijn lengte, fysieke kracht en grote bereik kan de middenvelder van TSG Hoffenheim veel terrein vóór de verdediging bestrijken. Dat is prettig wanneer de backs van Oranje hoog staan en de twee andere middenvelders vooruit spelen. Burger wordt echter tekortgedaan wanneer hij uitsluitend als breker wordt gezien. Bij Hoffenheim speelt hij geregeld als nummer 8, maar toen trainer Christian Ilzer hem vorig seizoen centraal als 6 gebruikte, constateerde Kicker dat Burger vanuit die sleutelpositie de lijnen uitzette en vooral voor balans zorgde.
Laat daar nu precies zijn aantrekkingskracht voor Oranje liggen. Burger zal minder vaak dan Veerman met één bal een verdediging opensnijden en minder vaak dan Gravenberch door een complete druklinie dribbelen. Daar staat tegenover dat Xavi met hem waarschijnlijk minder risico loopt wanneer Oranje de bal verliest. Burger kan duels winnen, tweede ballen verzamelen en door zijn fysieke bereik ruimtes repareren die ontstaan wanneer ploeggenoten vooruit verdedigen.
De vraag is vooral of Xavi op zijn belangrijkste opbouwpositie genoeg genoegen neemt met degelijk. Bij Barcelona zocht hij doorgaans controleurs die niet alleen zekerheid boden, maar het aanvalsspel ook konden dicteren. Burger kan dat tot op zekere hoogte, maar bezit daarin niet hetzelfde exceptionele wapen als Gravenberch of Veerman.
Peer Koopmeiners is de klassieke nummer 6
Dan is er nog een naam die tot voor kort nauwelijks in Oranje-discussies voorkwam. Peer Koopmeiners staat nadrukkelijk op de radar van de nieuwe technische staf. Een Spaanse assistent van Xavi bekeek hem eerder deze maand tijdens sc Heerenveen - AZ. Koopmeiners is interessant omdat zijn rol nauwelijks uitgelegd hoeft te worden. Bij AZ is hij daadwerkelijk een controlerende middenvelder. Hij hoeft niet vanuit een positie als 8 of 10 te worden omgeschoold en draagt bij de Alkmaarders zelfs rugnummer 6.
Zijn cijfers aan het begin van dit Eredivisie-seizoen passen daarbij. Na zes wedstrijden stond zijn passnauwkeurigheid op 92 procent. Zelfs op de helft van de tegenstander kwam 89 procent van zijn passes aan. Daarnaast had hij 29 van zijn 50 duels gewonnen en zes intercepties geregistreerd. Peer Koopmeiners is minder spectaculair dan de andere vier. Hij zal zelden met een dribbel drie tegenstanders uitschakelen en zijn passing heeft niet de variatie van Veerman.
Een nummer 6 hoeft echter niet voortdurend spectaculair te zijn. Voor een speler op deze positie is het soms juist een compliment wanneer hij negentig minuten nauwelijks opvalt. Steeds op de juiste plek staan, de bal ontvangen, naar de vrije man spelen en bij balverlies zorgen dat het centrum gesloten blijft. Dat beheerst Koopmeiners.
Zijn grootste vraagteken is het niveau. Gravenberch, Veerman en Teun Koopmeiners hebben al veelvuldig in de Champions League gevoetbald en Burger speelt wekelijks in de Bundesliga. Peer Koopmeiners moet nog bewijzen dat hij dezelfde keuzes ook onder de snelheid en druk van een topland als Duitsland kan maken.
Welke keuze moet Xavi Hernández maken?
Alles bij elkaar lijkt Ryan Gravenberch voorlopig de meest complete kandidaat voor de positie. Hij combineert defensief bereik met iets wat bijzonder moeilijk aan te leren is: het vermogen om onder druk weg te draaien en met de bal een linie over te slaan. Van de vijf lijkt hij daardoor het meest op Frenkie de Jong zonder daadwerkelijk hetzelfde type speler te zijn.
Daarachter wordt het vooral afhankelijk van de tegenstander. Veermans passing kan vanuit de nummer 6-positie het tempo bepalen en laag verdedigende tegenstanders uit elkaar trekken. Teun Koopmeiners is de meest betrouwbare middenweg, Wouter Burger biedt Xavi Hernández de meeste defensieve zekerheid en Peer Koopmeiners is de interessante specialist die vrijwel zijn gehele spel al heeft ingericht rond de positie die de nieuwe bondscoach nodig heeft. De naam die Xavi op 24 september tegen Duitsland op nummer 6 zet, is een van de eerste echte aanwijzingen voor hoe zijn Nederlands elftal eruit moet gaan zien.
Reacties
Nog geen opmerkingen
Je moet ingelogd zijn om te reageren.