Jasper Krommenhoek is tijdens het World Cup-kwalificatietoernooi (WCKT) in Thialf uitgegroeid tot de grote verrassing door bij de mannen zowel de 5 als de 10 kilometer op zijn naam te schrijven. Met deze allereerste zeges bij de senioren stelde de 22-jarige stayer van Team Reggeborgh zijn debuut in de Wereldbeker veilig, die over anderhalve week op het programma staat in Peking. Na zijn actieve schaatscarrière heeft de langebaanschaatser echter al een compleet ander doel voor ogen: een andere loopbaan.
Het succesvolle weekend in Heerenveen kreeg afgelopen vrijdagavond vorm met de overwinning op de 5.000 meter. Krommenhoek klokte een tijd van 6.10,83, snoepte daarmee bijna twee seconden van zijn persoonlijk record af en hield ploeggenoot Marcel Bosker met een marge van 0,27 seconde achter zich. Afgelopen zondagmiddag gaf de jonge schaatser daar een passend vervolg aan in de vijfde rit van de 10.000 meter. De rijder van Reggeborgh zegevierde in 12.38,75, wat goed was voor de vierde Nederlandse tijd ooit op de langste afstand en waarmee hij nummer twee Wisse Slendebroek (12.41,87) voorbleef. Tijdens zijn race wist de winnaar ritgenoot Stijn van de Bunt, die nog hinder ondervond van de naweeën van een ziekte en daardoor enkele weken niet had kunnen trainen, bovendien bijna in te halen. Verder legde de stayer aan de zijde van Bosker en Remo Slotegraaf in een tijd van 3.46,04 ook nog beslag op de Nederlandse titel én het wereldbekerticket op de ploegenachtervolging.
Afstand | Plaats | Naam | Eindtijd |
5.000 meter | 1 | Jasper Krommenhoek | 6.10,83 |
10.000 meter | 1 | Jasper Krommenhoek | 12.38,75 |
Krommenhoek zoekt naar woorden na dubbelslag in Thialf
Na zijn winst op de 10 kilometer blikt Jasper Krommenhoek in gesprek met NU.nl terug op zijn onverwachte dubbelslag. "Ik moet zoeken naar woorden. Ik ben vooral heel erg blij dat ik mezelf dit cadeau heb gedaan. Aan het begin van dit weekend had ik niet gedacht dat het zo zou uitpakken", zo zegt de schaatser uit Steenwijkerwold, die met zijn winnende tijd op de tien kilometer maar 3,5 seconden verwijderd bleef van het baanrecord dat Patrick Roest in december 2020 vestigde.
Zijn allereerste seniorentitel op vrijdagavond bezorgde hem in aanloop naar de slotdag overigens nog wel een onrustige nacht. "Na vrijdag kwam er wel wat op me af. Ik heb vooral lang wakker gelegen door alle adrenaline. Maar nu haal ik op de 10 kilometer gewoon meer dan tien seconden van mijn persoonlijke record af. Dat geeft wel aan dat ik mentaal en fysiek een heel mooie stap heb gezet", aldus de twintiger.
Mentale ommekeer bij Team Reggeborgh na wisselvallig eerste jaar
Vorig jaar stapte Jasper Krommenhoek over naar de groen-zwarte ploeg van Team Reggeborgh, al wist hij zich in zijn eerste winter bij het topteam nog maar zelden in de kijker te rijden. De langeafstandsschaatser veroverde op het NK Afstanden weliswaar het brons op de 10.000 meter, maar het olympisch kwalificatietoernooi van eind december vorig jaar draaide uit op een flinke teleurstelling. Zowel op de 5 als op de 10 kilometer kwam hij destijds niet verder dan de tiende plek, waardoor plaatsing voor de Olympische Winterspelen in Milaan uitbleef en hij op de langste afstand ruim een halve minuut moest toegeven op winnaar Stijn van de Bunt.
Ploeggenoot Marcel Bosker zag afgelopen seizoen al over welke fysieke kwaliteiten zijn jonge teamgenoot beschikte, maar merkte op dat de wedstrijdspanning hem op beslissende momenten parten speelde. "Jasper was vorig seizoen in de trainingen ook al supergoed. Hij is heel gedisciplineerd en een superatleet. Hij kan ontzettend hard fietsen. De waardes die hij trapt, zijn onvoorstelbaar. Maar Jasper had er een handje van om niet goed te schaatsen op de momenten dat het erom ging", zo stelt Bosker.
Krommenhoek kan zich vinden in die analyse en koos dit seizoen dan ook voor een andere aanpak. "Alles was nieuw voor mij bij Reggeborgh, misschien was ik daar wel een beetje van onder de indruk. Deze winter wilde ik proberen om de wedstrijden met meer rust te benaderen", zo legt de tweevoudig winnaar op het WCKT uit. "Ik heb nog steeds dezelfde gedrevenheid en drang om de beste te worden. Maar ik probeer meer te genieten van het schaatsen en je ziet nu dat dat een groot verschil maakt."
Olympische droom voor 2030 en toekomst in de cockpit
Als zijn carrière als topsporter erop zit, lonkt voor Jasper Krommenhoek een baan bij Defensie als straaljagerpiloot. Die ambitie komt voort uit een familie waarin de luchtvaart een aanzienlijk grotere rol inneemt dan het schaatsen. "Ik droomde eerder daarvan dan van topschaatser worden. Ik hoop de komende jaren een heel hoog niveau aan te tikken op het ijs en dan op mijn hoogtepunt te stoppen", vertelt de stayer over zijn plannen voor de toekomst. "Mijn tante en moeder zijn stewardess, mijn oom is piloot en mijn opa heeft ook voor KLM gewerkt. Er zitten ook wel veel sportievelingen in de familie, maar eigenlijk geen goede schaatsers."
Voordat het vizier op de cockpit wordt gericht, heeft de schaatser van Reggeborgh nog een duidelijk doel op de schaatsbaan: het behalen van olympisch eremetaal in 2030 op eigen bodem. In juni werd Thialf door het Franse organisatiecomité aangewezen als de locatie voor het langebaanschaatsen op de Olympische Winterspelen van 1 tot en met 17 februari 2030, aangezien Frankrijk zelf geen geschikte 400-meterbaan heeft. Eerst staat van 13 tot en met 15 november echter zijn internationale debuut op het programma bij de eerste World Cup in de National Speed Skating Oval in Peking. Daarna volgen de wereldbekerwedstrijden in Obihiro, Heerenveen (waar tussen 4 en 6 december de enige 10 kilometer van het wereldbekerseizoen op het menu staat) en Stavanger. "Dit was een prachtig weekend. Maar nu moet ik laten zien dat ik dit niveau voor langere tijd kan vasthouden", zo sluit Krommenhoek af.